Monumenten W.O. II
Oorlogsmonument Enschede
In het Volkspark in Enschede staat een indrukwekkend oorlogsmonument, opgericht ter nagedachtenis aan alle burgers die tijdens de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) door oorlogshandelingen omkwamen. De aangrijpende beeldengroep is ontworpen door de bekende kunstenaar Mari Andriessen. De figuren verbeelden het brede leed van de bezettingsjaren: een gijzelaar, drie jongeren in een concentratiekamp, drie verzetsstrijders (twee mannen en een vrouw), een soldaat, een joodse vrouw met kind en een vrouw met een overleden kind.
Bij het monument hoort de veelzeggende tekst:
"De bevolking van Enschede eert in de nagedachtenis harer medeburgers die in de oorlog 1940-1945 het leven lieten."
Het monument werd op 4 mei 1953 officieel onthuld door minister-president dr. Willem Drees. Sindsdien komen de inwoners van Enschede hier elk jaar op 4 mei samen in het Volkspark om de slachtoffers te herdenken en hun nagedachtenis levend te houden
Gedenkteken Zwanenburg aan het gemeentehuis
- Langestraat 24, 7500 AA Enschede
In februari 1945 hielden de Duitsers grote razzia’s voor de arbeidsinzet in Duitsland. Dit gebeurde onder andere op 19 februari. De dwangarbeiders werden met de trein naar Duitsland vervoerd. Een van deze treinen, vol met mannen, kwam vanuit het Westen. Op 23 februari reed deze trein door Enschede en stopte uiteindelijk langs de Oosterstraat. De mannen in de trein waren al een paar dagen onderweg en hadden honger. De dwangarbeiders dachten dat ze al in Duitsland waren en daarom besloot een van hen in het Duits aan de Enschedese toeschouwers om voedsel te vragen: "Wir haben seit gestern nicht mehr gegessen" (vertaald: we hebben sinds gisteren niets meer gegeten). Het antwoord was: "Dit is Enschede hoor!"
Een van de bewakers reageerde hierop door naar de rand van de spoorsloot te lopen en zijn geweer op de mensen op straat te richten. Er ontstond paniek en de mensen renden weg naar de steegjes tussen de huizen in. Hierna werd er nog een paar keer in de lucht geschoten. Toch kwamen de mensen later weer tevoorschijn. Ze hadden levensmiddelen zoals brood en tabak meegebracht en gooide deze naar de trein. Aan de andere kant van de trein bij de fabrieken van Van Heek werd een hek opengezet. In de treincoupés was het heel onrustig en velen renden de trein uit, het fabrieksterrein op. De Duitse bewakers stonden aan de kant van de Oosterstraat, waardoor ze pas laat doorkregen wat er aan de hand was. Hierdoor konden veel dwangarbeiders vluchten.
De Duitsers, nu wel gealarmeerd, rukten de portieren van de trein open en persten zich door de coupés naar de andere kant van de trein. Er klonken schoten en er werd geschreeuwd. Direct hierna begon de trein weer te rijden en ging langzaam in de richting van Gronau.
In de trein zaten ook 300 mannen uit de Noord-Hollandse plaats Zwanenburg. Als dank voor de spontane hulp die de bevolking van Enschede had geboden, werd door de bevolking van Zwanenburg op 25 januari 1946 een gedenksteen aan de Enschedese bevolking geschonken. Deze is in de gevel van het stadhuis van Enschede geplaatst en is hier nu nog steeds te vinden.
Het opschrift luidt:
Zwanenburg dankt Enschede voor de hulp, die de bevolking van deze stad verleende aan haar ontvoerde burgers op doortocht naar Duitsland, 23 Februari 194 De herdenkingssteen in de gevel van het gemeentehuis (Langestraat 24). Deze schenking van de gemeente Zwanenburg als dank voor de hulp aan 300 dwangarbeiders op 23 februari 1945 is een essentieel onderdeel van het Enschedese oorlogsverhaal.
Monument Friso Van Hoorn
In het gemeentehuis van Enschede bevindt zich op de eerste verdieping een monument ter ere van Friso van Hoorn. Hij was een moedige verzetsstrijder die tijdens de Tweede Wereldoorlog actief deel uitmaakte van de bekende groep Overduin. Deze verzetsgroep wist onder leiding van dominee Leendert Overduin honderden joodse medeburgers en onderduikers te redden. Friso van Hoorn behoorde tot degenen die de gevaren van het verzet en de bezettingsjaren hebben overleefd. Dit gedenkteken in het gemeentehuis houdt de herinnering aan zijn moed en de offers van het Enschedese verzet levend.
Plaquette: Ds. Leendert Overduin
In de Grote Kerk aan de Oude Markt in Enschede hangt een plaquette ter nagedachtenis aan Leendert Overduin. Deze Enschedese predikant werd geboren op 21 december 1900 in Leiden en overleed op 17 juli 1976 in Enschede. Tijdens de Tweede Wereldoorlog leidde hij de verzetsgroep Overduin, waarmee hij honderden Joodse medeburgers en onderduikers het leven redde. Op de plaquette staat de toepasselijke en krachtige bijbeltekst uit Jesaja 16:3 te lezen:
"Verberg de verdrevenen. Verraad de vluchtelingen niet."
Voor meer informatie: Zie de pagina over Leendert Overduin.
Naast de plaquette voor Leendert Overduin hangt in de Grote Kerk ook een algemene herdenkingsplaat voor de gevallenen van de burgerbevolking.
Indisch Monument Enschede
In het Blijdensteinpark aan de Boulevard 1945 in Enschede staat het Indië-monument, opgericht ter nagedachtenis aan alle Enschedese burgers en militairen die tussen 1941 en 1949 door oorlogshandelingen in Zuidoost-Azië zijn omgekomen. Het bronzen beeld van een vallende mannenfiguur is gemaakt door kunstenaar Han Petri en symboliseert de vernederingen en martelingen door de bezetter. Op het gedenkteken staat de tekst:
'HET VERRE OOSTEN 1941 - 1945'
Het monument eert zowel de burgers uit het voormalig Nederlands-Indië als de militairen die na 1945 in dienst van het Nederlands Koninkrijk vielen. De officiële onthulling vond plaats op 14 januari 1960 door mevrouw Spoor-Dijkema. Tegenwoordig is het onderhoud van de gedenkplek in handen van de gemeente en praktijkschool "De Wissel". Elk jaar op 15 augustus—de dag van de Japanse capitulatie in 1945—wordt hier een besloten herdenking gehouden.
Geheime Duitse Rolbaan Drienerlo
- Wiedicksbeekweg, Enschede
Tegen het einde van Tweede Wereldoorlog was vliegbasis Twente, dat door de Duitsers bezet was, onbruikbaar geworden vanwege de vele bombardementen. De Duitse vliegtuigen werden daarom ten zuidwesten van de basis verstopt in de bossen bij Drienerlo.
De Duitsers hebben toen met behulp van voornamelijk dwangarbeiders afkomstig uit Volendam met grote haast een rolbaan aangelegd in de bossen bij Drienerlo. Deze taxibaan werd door de vliegtuigen (voornamelijk nachtjagers) gebruikt als verbindingsweg naar het vliegveld vanaf de z.g.n. splitterboxen waarin ze in het bos opgesteld stonden.
De baan liep via Hof Espelo tot aan Driene, en was tot aan de waterwinning al bestraat. Aan de rand van de Wiedicksbeekweg staat een Eik op een plek waar hoofdzakelijk berken staan. Het bordje bevindt zich op een grote Eik iets verderop. De exacte locatie is niet op de meter precies te achterhalen omdat van de baan zelf weinig terug te vinden is, van de splitterboxen wel, deze bevonden zich ongeveer hier.
Als de oorlog een dag langer had geduurd had de Eik er niet meer gestaan, omdat het bouwen van de baan tot aan het einde van de oorlog door ging. De boom is inmiddels voorzien van een bordje wat aangeeft waarom deze boom en de directe omgeving zo bijzonder is. Het bordje valt niet erg op, en past in het landschap. Om de boom te beschermen zijn korte rvs schroeven gebruikt
Vanaf zulke schuilplaatsen werden de vliegers door verzetsmensen als Geert Schoonman naar de grens gesmokkeld. Ze kregen burgerkleding, valse papieren en werden via de zogenaamdeDutch- Paris lijn ook wel Smit-van der Heijden lijn naar het zuiden begeleid, dwars door bezet gebied, in de hoop via Spanje Engeland weer te bereiken.
Gedenkteken Omgekomen NS-Medewerkers Enschede
-
In de hal van het NS-station aan het Stationsplein in Enschede bevindt zich een bronzen gedenkplaat ter nagedachtenis aan het spoorwegpersoneel dat tijdens de Tweede Wereldoorlog is omgekomen. Tijdens de bezettingsjaren verloren veel medewerkers van de Nederlandse Spoorwegen hun leven; sommigen werden na de spoorwegstaking van 1944 opgepakt en gefusilleerd, anderen kwamen om bij luchtaanvallen. Als daad van piëteit besloot de NS-directie na de oorlog om identieke, uniforme plaquettes aan te brengen op 110 stations verspreid over het land.
De plaquette in Enschede eert specifiek vier lokale spoorwegmedewerkers. Hun namen staan op de plaat vereeuwigd:
- J.A. Ekelhof
- Aafke J. Krol
- G.H. Moerkotte
- J.L.M. Panders [1]
Onder het sobere opschrift "TER GEDACHTENIS AAN HEN DIE VIELEN 1940-1945" prijkt een gevleugeld wiel, het historische symbool van de Nederlandse Spoorwegen.
Enschede, monument in het Belastingkantoor
Hengelosestraat 75, 7514 AE, Enschede (Enschede), Overijssel, Nederland
Het monument in het Belastingkantoor in Enschede is opgericht ter nagedachtenis aan twee belastingambtenaren die op 31 maart 1945 (één dag voor de bevrijding van Enschede) door de bezetter zijn doodgeschoten.
De namen van de twee slachtoffers luiden:
De heren J.H. Bosch (inspecteur der invoerrechten en accijnzen) en G.L. Rutgers (grenscommies).
Beide ambtenaren maakten deel uit van het verzet gedurende de Duitse bezetting. Op 31 maart 1945 werd door een zekere Huschka (een voor de bezetter werkende verrader die geïnfiltreerd was in de verzetsgroep) een bijeenkomst belegd omdat er belangrijke informatie zou zijn over de op handen zijnde bevrijding. De bijeenkomst werd belegd aan de Sumatrastraat nummer 38 te Enschede, de woning van de familie Ter Borg. Toen iedereen aanwezig was deed de Sicherheitsdienst (SD) een inval waarbij alle aanwezigen ter plaatse werden doodgeschoten.
Mevrouw Ter Borg werd nog wel in de gelegenheid gesteld om haar kind naar de buren te brengen, waar zij het afgaf met de mededeling ''Ze gaan mij doodschieten, mijn man is al dood''. Inderdaad werd zij bij terugkeer in de gang doodgeschoten. In totaal kwamen hier negen mensen om het leven, te weten: G. ter Borg (69 jaar), G.E. ter Borg (40 jaar), J ter Borg-Elferink (39 jaar), A. van Essen (33 jaar), J.J.Francoys (38 jaar), W. Mink (38 jaar), J.H. Wennink (31 jaar), P. Zandbergen (36 jaar), en G.L. Rutgers (32 jaar).
Direct daarna begaf de SD zich met Huschka naar de woning van Bosch die een vooraanstaande rol in het verzet speelde. Hij werd meegevoerd naar de synagoge aan de Prinsenstraat die toen dienstdeed als gevangenis, waar hij nog diezelfde avond in de tuin werd gefusilleerd.
Locatie
De gedenkplaat hangt in de hal van het belastingkantoor, gevestigd aan de Hengelosestraat te Enschede. Na de verbouwingen van het pand hangt de plaquette nu achter een glazen wand.
Enschede, monument in het Hoofdbureau van Regiopolitie Twente
In het hoofdbureau van de politie aan de Hermandad 2 in Enschede bevindt zich een monument ter nagedachtenis aan politiemensen die tijdens de Tweede Wereldoorlog het slachtoffer werden van de bezetter. Het gedenkteken is een abstracte sculptuur op een driehoekig voetstuk, met op een blauw velours achterwand twee bronzen plaquettes.
Het monument eert in het bijzonder twee Enschedese politiemannen die hun plichtsgetrouwheid met de dood moesten bekopen:
- Antonie van Essen (geboren 23 november 1911), die op 31 maart 1945 wegens zijn verzetsactiviteiten door de vijand werd gefusilleerd.
- Abraham Keijzer (geboren 20 mei 1913), die op 6 juli 1943 samen met 23 collega's werd weggevoerd naar Duitsland en daar op 25 september 1944 om het leven kwam.
De gedenkplaten houden de herinnering aan hun moed en de wegvoering van hun 24 collega's blijvend levend.
De oude synagoge aan de Achterstraat
Aan de Stadsgravenstraat (vroeger de Achterstraat) in Enschede herinnert de historische gevel van een voormalig schoolgebouw aan de vroege Joodse geschiedenis van de stad. Hoewel de eerste Joodse inwoners al in 1667 werden vermeld, nam hun aantal pas na de burgerlijke gelijkstelling in 1796 sterker toe. Dit leidde in 1834 tot de inwijding van Enschede's eerste synagoge, die mede met financiële steun van de niet-Joodse bevolking werd gebouwd. [1, 2]
Nadat dit gebouw bij de grote stadsbrand van 1862 verloren was gegaan, werd er in 1865 met hulp van het gemeentelijk opbouwfonds een nieuwe sjoel met een naastgelegen Joodse school gebouwd. Na de verkoop van het complex in 1928—toen de gemeenschap verhuisde naar de grotere synagoge aan de Prinsenstraat—is de sjoel afgebroken. Het kenmerkende front van het schoolgebouw bleef echter gespaard en staat nog altijd aan de Stadsgravenstraat, direct rechts naast het voormalige "Lampenpaleis".
Joodse Synagoge Enschede
Aan de Prinsestraat 14-16 in Enschede staat de monumentale synagoge, die tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse Sicherheitsdienst (SD) als gevangenis werd gebruikt. De oorlog sloeg een diepe wond in de gemeenschap: van de 1.200 Joodse leden kwamen er 850 om het leven. Hoewel dit verlies enorm was, lag het percentage overlevenden in Enschede hoger dan het landelijk gemiddelde. Dit was te danken aan de Enschedese Joodse Raad, die actief onderduikhulp organiseerde met financiële steun van lokale textielbaronnen, én aan agenten van de Enschedese politie die tijdig waarschuwden voor naderende razzia's.
Ter nagedachtenis aan de slachtoffers zijn er twee gedenktekens:
- Een monument voor de ingang van de synagoge voor alle overledenen.
- Een gedenkplaat binnen in de synagoge die specifiek herinnert aan de ruim zevenhonderd gedeporteerde en omgebrachte Joodse medeburgers uit de zes Joodse gemeenten in en rond de stad.
Mauthausen Monument Enschede
Voor de ingang van de synagoge aan de Prinsestraat 18 in Enschede staat het ‘Joods monument’, ook wel bekend als het Mauthausen-monument. Dit gedenkteken herinnert aan de ruim zevenhonderd Joodse medeburgers die tijdens de bezettingsjaren zijn vermoord. De grootschalige vervolging in de stad begon op 14 september 1941 met een brute razzia waarbij ongeveer honderd Joodse mannen werden opgepakt. Zij werden op transport gesteld naar het concentratiekamp Mauthausen; geen van hen overleefde de oorlog.
Op het monument staat de veelzeggende tekst:
"MET DE RAZZIA VAN 14-9-1941 BEGON DE JODENVERVOLGING. TER NAGEDACHTENIS AAN DE JOODSE NEDERLANDERS DIE TIJDENS DE JAREN 1940-1945 DOOR DE DUITSE BEZETTER WERDEN VERMOORD"
Het monument staat bij de synagoge, een prachtig historisch gebouw dat werd ontworpen door architect K.P.C. de Bazel en op 13 december 1928 werd ingewijd. De bouw werd destijds grotendeels gefinancierd door textielmagnaat Sigmund Menko, de toenmalige voorzitter van de Nederlands-Israëlische Gemeente (N.I.G.). Hoewel het gebouw de bezettingstijd doorstond als verblijfplaats voor de Duitsers, was de Joodse gemeenschap na de oorlog gedecimeerd: van de ruim 1.200 leden keerden er slechts zo'n 500 terug.
Wehrmachtsheim Enschede
Aan de Maarten Harpertsz. Tromplaan 55 in Enschede staat een markante villa met een bewogen geschiedenis. Voor de Tweede Wereldoorlog werd het pand gebouwd als woonhuis voor de bekende Joodse textielfabrikant Menko. Tijdens de bezettingsjaren werd de villa door de Duitsers gevorderd: van 13 mei 1941 tot 9 maart 1945 deed het gebouw dienst als een "Wehrmachtsheim", waar Duitse soldaten terechtkonden voor rust en ontspanning.
Na de bevrijding kreeg het pand een nieuwe, vreedzame bestemming en werd het jarenlang gebruikt als hotel. Tegenwoordig heeft de historische villa een zakelijke functie en is er een architectenbureau in het gebouw gevestigd.
Het huis van Sig Menko
Sigmund ‘Sig’ Menko was begin jaren dertig met 'frisse tegenzin' zijn overleden broer Miljam opgevolgd als voorzitter van de Nederlands-Israëlitische Gemeente (N.I.G.). Hoewel hij medefirmant was van de weverij N.J. Menko en de spinnerij Roombeek, viel hij vooral op door zijn enorme inzet voor de Joodse gemeenschap. Hij groeide uit tot hun uitgesproken leider, waardoor hij tijdens de Tweede Wereldoorlog de aangewezen man werd om de Joodsche Raad in Enschede te leiden. Hij werd door zijn mededirecteur Ernst Krudop omschreven als een geduchte voorvechter: "bewonderd en benijd, meer gerespecteerd dan geliefd."
Tijdens de bezetting werd de imposante villa van Sigmund Menko aan de Maarten Harpertsz. Tromplaan 55 overgenomen door de Duitse bezetter. De Duitse Ortskommandant nam er zijn intrek, en het pand werd ingericht als het beruchte hoofdkwartier van de Duitse Sicherheitsdienst (SD) in Enschede.
Voormalig Openbare Lagere School De Kortenaer, Enschede
Aan de Kortenaarstraat 5b in Enschede staat een voormalig schoolgebouw dat tijdens de Tweede Wereldoorlog een militaire functie kreeg. Tot halverwege 1944 deed het pand dienst als opslagplaats voor het Duitse leger. Vanaf die periode veranderde de bestemming en werd het gebouw door de bezetter in gebruik genomen als een Kriegslazarett: een militair hospitaal waar gewonde Duitse soldaten werden verzorgd.
Monument H.E. Jannink
Bij de ingang van het voormalige Janninkcomplex (nu een gezondheidscentrum) aan de Haaksbergerstraat 149 in Enschede bevindt zich een monument voor de moedige textielfabrikant en verzetsstrijder Hendrik Engbert (Hentie) Jannink. Nazaten van deze bekende textielfamilie bezitten tot op de dag van vandaag veel onroerend goed in het nabijgelegen Haaksbergen.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog zetten directeur Hentie Jannink en zijn echtgenote Johanna Hermina (Mies) Bruins (getrouwd in de zomer van 1942) hun leven op het spel voor het verzet. Samen met onder andere Jan Morsink, Cor Brasz en Tjibbe Velsing vormden zij een lokale verzetsgroep. De groep hield via marechaussee Karst Smit in Hilvarenbeek en de familie Van der Heijden contact met de internationale Dutch-Paris lijn, een ontsnappingsroute naar Zwitserland en Spanje. Vanuit hun woning aan de Bisschopstraat ving het echtpaar Jannink Joodse landgenoten en neergestorte geallieerde vliegtuigbemanningen op om hen naar de vrijheid te loodsen.
Toen de groep werd geïnfiltreerd door een Duitse spion, werd deze geliquideerd. Nadat in november 1943 een groepslid in België werd gearresteerd, kreeg de familie Jannink een waarschuwing, maar zij doken vermoedelijk niet onder. Op 5 januari 1944 ging het mis: het echtpaar werd na verraad door de Sicherheitsdienst (SD) gearresteerd in hun buitenverblijf, de Hölterhof.
Via de gevangenis in Haaren belandde Hentie op 26 januari 1944 in Concentratiekamp Vught. Toen de geallieerden begin september 1944 naderden en het kamp halsoverkop werd ontruimd, werd de 40-jarige Hentie Jannink op 5 september 1944 gefusilleerd. Mies werd, onwetend van haar mans dood, op transport gesteld naar het vrouwenkamp Ravensbrück en daarna naar Dachau (buitencommando Agfa Kamerawerke). Zij overleefde de gruwelen van de kampen. Na de oorlog hertrouwde ze, bleef ze jarenlang actief in het Vrouwencomité Dachau en overleed in 2002 op 85-jarige leeftijd. Beiden ontvingen postuum of bij leven een hoge Engelse onderscheiding voor hun cruciale pilotenhulp.
Voormalig Hogere Textielschool De Maere, Enschede
Aan het Ariënsplein 3 in Enschede staat de voormalige Hogere Textielschool ‘De Maere’ (tegenwoordig in gebruik door het ROC). Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het schoolgebouw door de Wehrmacht geconfisqueerd en ingericht als een Kriegslazarett, een militair hospitaal voor Duitse soldaten.
In het gebouw bevinden zich twee bronzen gedenkplaten die herinneren aan de enorme tol die de oorlog van de school eiste. De platen zijn opgericht ter nagedachtenis aan in totaal 50 leraren, leerlingen en oud-leerlingen van De Maere die tijdens de bezettingsjaren door oorlogshandelingen om het leven zijn gekomen. Twee namen worden op beide plaquettes speciaal genoemd om hun herinnering levend te houden.
Fietsopslag Gemeentehuis Lonneker Enschede
Aan de Hengelosestraat 52 in Enschede staat het markante voormalige raadhuis van de gemeente Lonneker. Tijdens de Tweede Wereldoorlog gaven de Duitse bezetters dit historische bestuurscentrum een wel heel alledaagse, maar typerende bestemming: het gebouw werd door hen gevorderd en gebruikt als een centrale fietsopslag voor alle in beslag genomen fietsen in de regio.
Gemeentelijke Westerbegraafplaats Enschede
Aan de Hengelosestraat 487 in Enschede bevindt zich de Westerbegraafplaats. Deze begraafplaats vormt een blijvende herdenkingsplek in de stad, aangezien hier een aantal officiële oorlogsgraven van slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog liggen. Zij vonden hier hun laatste rustplaats nadat zij tijdens de bezettingsjaren door het oorlogsgeweld om het leven kwamen.
Joodse Oorlogsgraven Enschede
Aan de Noord Esmarkerrondweg 403 in Enschede ligt de Joodse begraafplaats. Hoewel de begraafplaats niet vrij te bezoeken is, vormt zij een belangrijke historische gedenkplek in de stad. Er rusten namelijk een aantal Nederlandse slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog wiens graven officieel zijn geregistreerd bij de Nederlandse Oorlogsgravenstichting.
Enschede, monument op de Joodse begraafplaats
Op de Nieuwe Joodse begraafplaats aan de Noord Esmarkerrondweg in Enschede staat, vlak bij de ingang, een indringend Joods Monument. Het gedenkteken werd opgericht in 1950 en officieel onthuld in 1951 om een blijvende plek te bieden voor collectieve rouw en herinnering aan de enorme menselijke tol die de Tweede Wereldoorlog eiste.
Het monument bestaat uit een natuurstenen, ronde zuil op een zeshoekige sokkel. Rondom de zuil bevindt zich een gestileerde band met een diepbetekenende, gebeitelde tekst:
‘TER HERINNERING AAN DE MEER DAN 700 ZUSTERS EN BROEDERS ONS IN DE RAMPJAREN 1941-1945 ONTVALLEN.’
Dit tastbare eerbetoon houdt de herinnering levend aan de ruim zevenhonderd Joodse medeburgers uit de regio die tijdens de bezettingsjaren door het nazi-regime werden weggevoerd en vermoord.
Oorlogsgraven van het Gemenebest Oosterbegraafplaats Enschede
-
Aan de Noord Esmarkerrondweg 407 in Enschede ligt de Oosterbegraafplaats. Hier rusten 11 Gemenebest-gevallenen uit de Eerste Wereldoorlog en bevindt zich een indrukwekkend geallieerd erehof met 50 graven uit de Tweede Wereldoorlog. Dit erehof eert militairen van het Britse Gemenebest die op Nederlands grondgebied sneuvelden. De helft van hen bestond uit vliegeniers van de Royal Air Force; de rest betrof soldaten die sneuvelden tijdens de bevrijding van Nederland, waaronder leden van het Glideregiment die voochten in de Slag bij Arnhem (Operatie Market Garden, september 1944).
Het erehof is ingericht volgens de uniforme, herkenbare stijl van de Commonwealth War Graves Commission:
Bij elk graf staat een identiek grafteken van witte natuursteen met een embleem en een kruis in reliëf. Achter de graven staat het centrale 'Cross of Sacrifice' (offerkruis) van Portland-natuursteen met een bronzen zwaard.Op een stenen voetstuk bevindt zich een plaquette met een schets van de Britse troepenbewegingen tijdens de bevrijding.
Nederlandse Oorlogsgraven Rooms Katholieke Begraafplaats Enschede
-
Aan de Noord Esmarkerrondweg 407 in Enschede ligt de Oosterbegraafplaats. Hier rusten 11 Gemenebest-gevallenen uit de Eerste Wereldoorlog en bevindt zich een indrukwekkend geallieerd erehof met 50 graven uit de Tweede Wereldoorlog. Dit erehof eert militairen van het Britse Gemenebest die op Nederlands grondgebied sneuvelden. De helft van hen bestond uit vliegeniers van de Royal Air Force; de rest betrof soldaten die sneuvelden tijdens de bevrijding van Nederland, waaronder leden van het Glideregiment die voochten in de Slag bij Arnhem (Operatie Market Garden, september 1944).
Het erehof is ingericht volgens de uniforme, herkenbare stijl van de Commonwealth War Graves Commission:
Bij elk graf staat een identiek grafteken van witte natuursteen met een embleem en een kruis in reliëf. Achter de graven staat het centrale 'Cross of Sacrifice' (offerkruis) van Portland-natuursteen met een bronzen zwaard. Op een stenen voetstuk bevindt zich een plaquette met een schets van de Britse troepenbewegingen tijdens de bevrijding.
V1 Feuerstellung Helmerhoek
I
In de bossen en landerijen rondom Enschede en Haaksbergen liggen verborgen sporen van een destructief Duits wapen uit het laatste oorlogsjaar. In de grond bevinden zich namelijk de restanten van in totaal vier V1-lanceerplatforms (Abschussrampen). Voor de funderingen van deze installaties gebruikten de Duitsers beton dat ze sloopten van de toenmalige Enschedese wielerbaan, waarvan tegenwoordig alleen nog de aarden wallen en de naam van een nabijgelegen school resteren.
Een van deze lanceerbanen lag op landgoed De Helmer in de huidige wijk Helmerhoek. De Duitsers confisqueerden de boerderij en het landgoed in het laatste oorlogsjaar om de basis op te bouwen, maar het platform is uiteindelijk nooit operationeel geweest. Opvallend is dat de baan naar het zuidwesten was gericht, wat aantoont dat de vliegende bommen bedoeld waren voor doelen in het zuiden van België en de havenstad Antwerpen. Een vergelijkbare startbaan bevond zich in het Assinkbos, op het terrein van de familie Van Heek.
De twee overige lanceerbanen in het gebied werkten nauw met elkaar samen en lagen zo'n anderhalve kilometer uit elkaar. De hoofdbaan bevond zich achter boerderij De Ziepe aan de huidige Enschedesestraat 188 op de grens van Haaksbergen en Enschede. De betonnen baan begint direct achter deze boerderij en loopt ver het bos in, waar naast de betonbaan ook nog een put voor koelwater in de grond aanwezig is. De vierde startbaan lag nabij Het Rutbeek, op het terrein waar nu Camping Twente is gevestigd. Deze laatste locatie fungeerde als een zogenaamde 'uitwijkbaan' voor de installatie bij boerderij De Ziepe. Omdat beide banen exact dezelfde richting en instellingen hadden, konden de Duitsers bij problemen op de hoofdbaan direct overschakelen naar de uitwijkbaan zonder dat ze de afstand of richting opnieuw hoefden te corrigeren. Over deze uitwijkbaan is later heen gebouwd; de lanceerbaan loopt tegenwoordig onder de kantine en het toiletgebouw van de camping door, waar in de grindweg nog altijd een fundatieblok met een kenmerkend vierkant gat als stille getuige in de grond zit.
Boekelo, ‘De vlag van Boekelo’
In een klein parkje nabij het carillon aan de Beckumerstraat in Boekelo (gemeente Enschede) staat het Bevrijdingsmonument ‘De vlag van Boekelo’. Dit gedenkteken herinnert de inwoners aan de herwonnen vrijheid na de Tweede Wereldoorlog. Het monument bestaat uit een in brons gegoten en naderhand geschilderde Nederlandse vlag die schuin is bevestigd op een bronzen plaat. Het geheel is aangebracht op een bakstenen gedenksteen. Het monument werd exact vijftig jaar na de bevrijding officieel onthuld, op 5 mei 1995.
Monument Schuilkelder Floresstraat Enschede
Aan de Floresstraat in Enschede bevindt zich een historische plaquette die herinnert aan de bombardementen die de stad troffen tijdens de Tweede Wereldoorlog. De gedenkplaat is geplaatst op de exacte locatie waar destijds een ondergrondse schuilkelder stond. Deze kelder bood de omwonenden bescherming tegen de luchtaanvallen, in het bijzonder tijdens het zware bombardement vlak voor de bevrijding op 22 maart 1945.
Monument Executies Enschede
-
de Hengelosestraat 725 in Enschede, nabij Hotel de Broeierd en ter hoogte van de Steenriet, staat een bijzonder herdenkingskruis. Dit monument werd al in 1946 onthuld en herinnert aan een van de meest tragische momenten uit de Twentse oorlogsgeschiedenis: de executie van acht burgers uit Haaksbergen op 3 mei 1943.
De aanleiding was de spontane April-Meistaking van 1943, die in Twente ontbrandde nadat de bezetter aankondigde dat 300.000 Nederlandse militairen alsnog in krijgsgevangenschap zouden worden afgevoerd. Het onheilspellende nieuws werd het eerst bekendgemaakt via drukkerij Smit in Hengelo en verspreidde zich als een lopend vuurtje. Bij grote Twentse bedrijven zoals Stork legden arbeiders massaal het werk neer, een actie die door telefonistes werd doorgegeven aan andere plaatsen met de oproep: 'Hengelo staakt – staakt u ook?'. In korte tijd staakten 21.000 werknemers bij 41 grote Twentse bedrijven.
De Duitse bezetter reageerde furieus, voerde een avondklok in en stelde het beruchte 'Polizei-Standgericht' in, waardoor stakers met de doodstraf werden bedreigd. Hoewel de meeste arbeiders op maandag 3 mei weer aan de slag gingen, verschenen negen werknemers van de firma D. Jordaan & Zonen's Textielfabrieken in Haaksbergen die ochtend niet. Toen zij zich 's middags alsnog meldden, werden ze direct gearresteerd.
Diezelfde avond werden de mannen met een overvalwagen van de Grüne Polizei naar de Hengelosestraat in Enschede gebracht. Ze kregen het bevel uit te stappen en weg te lopen, waarna ze met mitrailleurs onder vuur werden genomen. Twee mannen wisten in het donker te ontsnappen, maar een van hen werd de volgende ochtend op zijn werk heroverd en alsnog gefusilleerd. Dit monument staat als een blijvend eerbetoon aan de acht mannen die hier stierven voor hun protest tegen de bezetter
Voormalig Smulders Steenfabriek
Aan de Oude Deventerweg in Enschede liggen de historische en recent gesaneerde restanten van de voormalige Twentse Stoomsteenfabriek Smulders & Mulder. De fabriek startte in 1899 en groeide in de decennia daarna uit tot een groot complex met droogloodsen, een kantoor en een ringoven. Hoewel de productie in 1940 werd stilgelegd, nam de Duitse bezetter het complex, de bijbehorende spoorlijn en de zwemvijver direct in gebruik. Onder Duits gezag werden er nog 3 miljoen stenen vervaardigd voor de aanleg van Fliegerhorst Twente (vliegveld Twente).
Vanwege het gevaar voor landende vliegtuigen werd de 63 meter hoge fabrieksschoorsteen in 1941 tot de helft ingekort. Na een verwoestende brand in 1943 braken de Duitsers de oven af en gebruikten zij de overgebleven gebouwen en drogerijen als opslagplaats en houtdrogerij voor de vliegbasis. Na de bevrijding was het bedrijf volledig geruïneerd, waarna de gemeente het complex in 1949 opkocht.
De klei voor de steenfabricage werd destijds gewonnen in de directe omgeving. Het aangrenzende bos zit daardoor vol met diepe gaten. Dit zijn dus geen bomkraters, maar oude kleigaten. Na de oorlog werd in deze gaten overtollige munitie gedumpt. Dit zorgde decennialang voor gevaar: tot ver na de oorlog vonden er af en toe spontane ontploffingen plaats die vissers opschrikten en vissterfte veroorzaakten. Pas na drie saneringsrondes—waarvan de laatste zeer grondig is aangepakt—is dit explosiegevaar tot een minimum gereduceerd. Vandaag de dag doen de diepe kleigaten dienst als rustige visvijvers en herinneren slechts enkele funderingen, ruïnes en een stukje spoorlijn aan het industriële en militaire verleden van deze plek.
Bunker Opslag Raketbrandstof
-
n het Prins Bernhardpark (nabij de Prins Bernhardparkweg) in Lonneker liggen unieke Duitse bunkers die tijdens de Tweede Wereldoorlog werden gebouwd voor de opslag van raketbrandstof. Ze stonden in directe verbinding met Fliegerhorst Twente, het nabijgelegen vliegveld dat door de bezetter werd uitgebouwd van een simpele grasbaan tot een volwaardige militaire vliegbasis. Om luchtaanvallen te voorkomen, werd het gebied zwaar gecamoufleerd: vanaf de vijf opslagbunkers (die op een rij langs de rand van het weiland staan) kijk je uit op andere bunkers die bewust zijn vermomd als normale woningen en boerderijen.
De bunkers waren specifiek ontworpen voor de opslag van C-Stoff en T-Stoff. Dit waren twee uiterst gevaarlijke vloeistoffen die, zodra ze in een verhouding van 3 op 1 werden samengevoegd, de explosieve brandstof vormden voor revolutionaire Duitse raketvliegtuigen zoals de Messerschmitt Me 163 en Me 263. Hoewel de brandstof ook diende voor onderdelen van V2-raketten, is deze opslag daar vermoedelijk nooit voor gebruikt; V2-installaties stonden verderop in Overijssel (zoals in Ommen en Nijverdal), terwijl rond Enschede alleen V1-banen lagen. Omdat de oorlog ten einde liep, zijn de raketvliegtuigen uiteindelijk nooit op Twente gestationeerd.
Vanwege het enorme explosiegevaar moesten de twee vloeistoffen angstvallig gescheiden blijven. De Duitse ingenieurs ontwierpen daarom een ingenieus veiligheidssysteem:
- Lekbakken en spoelkanalen: De verticale brandstoftanks stonden boven een komvormige lekbak. Deze was aangesloten op een met water gevuld kanaal aan de zijkant van het gebouw.
- Schoonspuiten: Na elk gebruik werden de tanks grondig met water schoongespoten. Eventueel gelekte vloeistof werd zo direct sterk verdund en via de lekbak veilig naar buiten afgevoerd.
- Pompkelders: In de kelders van de gebouwen stonden de pompinstallaties, die tegenwoordig volledig onder water staan.
De logistiek rondom de basis was strak geregeld. De brandstof werd aangevoerd via het historische spoor tussen Enschede en Oldenzaal dat door Lonneker liep. Vanaf een speciaal pompstation aan de Oldenzaalsestraat werd de brandstof vervolgens via een ondergrondse pijpleiding naar de bunkers gepompt. Zowel van het pompstation als van de oude spoorlijn zijn in het Twentse landschap tot op de dag van vandaag nog restanten zichtbaar.
Wederopbouw monument
Op de hoek van de Zuiderval en de Getfertsingel in Enschede staat het monument "De Herrijzing" (ook wel bekend als 'De Wederopbouw'). Dit indrukwekkende kunstwerk van kunstenares Marie van Eijl-Eitink werd op 5 mei 1959 officieel onthuld door mevrouw Nijkamp-Voortman. Het beeld herinnert aan de enorme ravage die de Tweede Wereldoorlog in de stad veroorzaakte en eert de inwoners die Enschede door noeste arbeid weer hebben opgebouwd.
Het monument stelt twee feniksen voor die uit hun as herrijzen. Dit Grieks-mythologische symbool staat voor onsterfelijkheid en eeuwige verjonging na de ondergang. Specifiek symboliseert het beeld de wederopbouw van de stad én de heropbouw van de vernielde Wicher Nijkampbrug. Deze brug, die destijds aan de Getfertsingel over het 'Spoor Zuid' lag, werd op 1 april 1945 door de vluchtende Duitse bezetters opgeblazen. Oorspronkelijk was het beeld dan ook op deze brug gemonteerd. Toen de brug in de jaren negentig werd afgebroken, is het monument verplaatst naar de huidige, prominente locatie aan de Zuiderval.
Monument voor de gevallen bevrijders
Bij de Lonnekerbrug in Enschede staat een monument ter nagedachtenis aan twintig Britse militairen die tijdens de bevrijding van de stad sneuvelden. Op deze strategische plek bij het Twentekanaal raakten de eerste Britse troepen tussen 1 en 3 april 1945 in een hevig gevecht met de Duitse verdedigers. De Duitsers bliezen de honderd meter verderop gelegen verkeersbrug op nadat de eerste Britse pantserwagens de overkant hadden bereikt, om zo de geallieerde opmars te vertragen.
Tijdens de felle strijd in deze directe omgeving kwamen elf Britse en minimaal zes Duitse militairen om het leven. Onder de Britse slachtoffers bevonden zich onder andere de Guardsmen Wright, Hanson en Bradbury. Op het monument staat de eervolle tekst te lezen:
"VOOR ONZE VRIJHEID GAVEN HIER TUSSEN 1 EN 3 APRIL 1945 20 BRITSE MILITAIREN HUN LEVEN. LEST WE FORGET"
Enschede, monument ‘Stoomweverij Nijverheid’
In de hal van de voormalige directeurswoning van L.P. van Gelderen (directeur van de Stoomweverij Nijverheid) aan de Nijverheidstraat 2 in Enschede—waar tegenwoordig een restaurant is gevestigd—hangt een bijzonder gedenkteken. Het monument ‘Stoomweverij Nijverheid’ werd omstreeks 1947 onthuld en is ontworpen door Ben Guntenaar. Het gedenkteken bestaat uit een natuurstenen plaat waarop in reliëf een vogel en een mensenfiguur zijn afgebeeld.
Het monument is opgericht ter nagedachtenis aan tien personeelsleden van het Joodse familiebedrijf Van Gelderen die tijdens de bezettingsjaren door oorlogshandelingen en vervolging om het leven zijn gekomen. Onder hen bevond zich Comprecht Gerhard (Gerard) Sanders, die als secretaris van de Joodse Raad in Enschede een cruciale rol speelde bij het organiseren van onderduikadressen voor zijn Joodse stadsgenoten. De Joodse slachtoffers op deze plaquette zijn tevens opgenomen met hun biografie in het landelijke Digitaal Monument Joodse Gemeenschap in Nederland.
Monument voor de Enschedese Burgerslachtoffers"
Bij het HCBC-gebouw in Enschede staat een indrukwekkend monument ter nagedachtenis aan de Enschedese oorlogsslachtoffers. Het monument maakt gebruik van een reeds aanwezige betonnen pilaar die schuin in de grond staat, waarvan de oorspronkelijke functie lange tijd onbekend was bij de huurders van het gebouw. Op initiatief van Antek Olszanowski en met hulp van de Stichting Levend Verleden Oost-Nederland heeft de Hengelose beeldend kunstenaar Piet van Dijk de zuil getransformeerd tot een krachtig gedenkteken.
De betonnen zuil is voorzien van een metalen bekleding waarin 850 streepjes zijn gekerfd. Deze streepjes zijn bewust aangebracht op de herkenbare wijze waarop een gevangene de dagen op een celmuur zou afkrassen. De sculptuur symboliseert zo op indringende wijze de gevangenschap, de getelde dagen en is een kleine toevallige verwijzing naar de 850 omgekomen leden van de Joodse gemeenschap in Enschede
Monument Twaalf Oorlogsslachtoffers
-
Op de grens van Enschede en Deurningen, op de kruising van de Knollerveldweg en de Sniedersveldweg, staat een monument met een gitzwarte historie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog deden de Duitse bezetters op het tegenovergelegen terrein van vliegveld Twente diverse executies. Het exacte aantal slachtoffers dat hier in de anonimiteit het leven liet, is tot op heden onbekend. Onder de geëxecuteerden bevonden zich onder andere Joodse onderduikers en moedige verzetsstrijders. Pas na de bevrijding werden de stoffelijke resten van twaalf slachtoffers teruggevonden, waarna zij alsnog een waardige en respectvolle laatste rustplaats hebben gekregen.
Bronnen
- Oorlogsgravenstichting – monumenten en slachtofferregister.
- TracesOfWar – monumenten en historische locaties in Enschede.
- Commonwealth War Graves Commission – Oosterbegraafplaats Enschede.
- Enschede-Stad – historische informatie over Enschedese monumenten.
- InDeBuurt Enschede – historische monumenten
- Nationaal Comité 4 en 5 mei – database Oorlogsmonumenten. 4 en 5 mei – Oorlogsmonumenten
- Oorlogsgravenstichting. Oorlogsgravenstichting Commonwealth
- War Graves Commission. Commonwealth War Graves Commission
- Stichting Cultureel Erfgoed Enschede. Cultureel Erfgoed Enschede
- Traces of War. Traces of War
Maak jouw eigen website met JouwWeb